Jul 152014
 

140715 Niet te ver vooruit

“Te ver vooruit!” is de gevleugelde uitspraak die ik van L. leerde als ik… ehm… nou, te ver vooruit dacht, zeg maar. Inclusief bijbehorende piekerig- en paniekerigheid.
Ik was er heel goed in, heel ver vooruit denken en heel veel scenario’s bedenken voor allerlei als-dit-dan-dat-maar-wat-als-dit–of-dat-situaties – bepaald niet iets waar ik me gelukkig door voelde of waarmee ik mezelf op de rails hield.

Het is niet dankzij de uitspraak van L. waardoor ik te ver vooruit denken afleerde, al heeft het vast wel geholpen. Ik weet trouwens niet of ik het afleerde, maar ik kan het gewoon niet meer. Of misschien kon ik het al nooit: niet voor niets gaf het paniek. Of ik het wel of niet kon, ik doe het maar liever niet meer, vooruit denken. Stap voor stap, dag voor dag, week voor week, soms maand voor maand, dat voelt het prettigst.

Eén dingetje is dan wel nodig. En dat is dat er niet al teveel bijzonderheden met dikke letters in mijn agenda staan. Me tegelijkertijd bezighouden met het voorbereiden van een presentatie, een workshop én het tijdig werven van deelnemers daarvoor, en dan ook nog doen wat nodig voor een dag waarop de een cameraman niet van mijn zijde zal wijken, plus dan ook nog zorgen dat er dingen op werk op het juiste moment gebeuren en me er niet eerder dan nodig iets aantrekken van momenten waarop die dingen af moeten zijn: het valt niet mee om mijn hoofd daarvan niet op hol te laten slaan.

Gelukkig biedt mijn kalender me wijze woorden.

Jul 142014
 

140714 75mg minder

Eén week slik ik een lagere dosering antidepressiva: 150 in plaats van 225 mg en ik merk er geen bal van. Dat wil zeggen, niets vervelends, geen nadelige effecten op mijn stemming.

Wat ik wél merk is wat ik hoopte dat ik zou merken en dat verrast me. Zo snel al?
Zondag liep ik nog hard met een lijf dat zwaar en log voelde en dat dreigde te ontploffen door alle warmte die het niet kwijt kon, drie dagen later is daar bijna geen spoor meer van te bekennen.
Nog verbaasder ben ik over hoeveel helderder ik me sinds dag 2 van de verminderde dosis voel. Ik had helemaal niet het idee dat ik níet helder was, maar ineens lijkt het alsof er een zware helm van mijn hoofd afgetild is. Pas nu realiseer ik me dat ik altijd een soort druk in mijn hoofd ervoer en dat de wereld door een lichte nevel tot me doordrong.
Een derde onmiddellijk effect is dat de bijna onweerstaanbare slaperigheid die me vrijwel elke middag overviel, verdwenen is. En dat ik dus niet somberder ben, maar wel over het algemeen juist wat vrolijker dan ik was.

Alleen donderdag ging het even mis. Mijn hoofd begon te malen over iets op werk en ‘s avonds, in bed, slaat het malen om in paniek, tranen en slapeloosheid. Er moet een oxazepammetje aan te pas komen om tot rust te komen. De volgende dag ijlt het nog na.
“Hou op”, spreek ik mezelf streng toe, zoals ik altijd doe bij zo’n stemming. “Niet doordraven, laat het gaan, niks aan de hand.”
Toch veroorzaakte zo’n paniekaanval dan altijd dagenlang labiliteit. Deze keer merk ik in de loop van de middag dat ik er al uren geen last meer van heb.

75 mg minder. Zoveel levendigheid méér.

Jul 122014
 

140712 De balans werk prive zzp

“Volgens mij bestaat Poco Loco morgen één jaar”, zei ik gisteren tegen K. En inderdaad: op 12 juli 2013 schreef ik Poco Loco in bij de Kamer van Koophandel.

Een jaar Poco Loco. Grote dingen zag ik voor me – de directe aanleiding voor de officiële oprichting was een mogelijke grote opdracht voor een stuk of 20 workshops. Die opdracht kwam helaas nooit, al luchtte me dat ook een beetje op. Want ik kon totaal niet overzien hoe ik dat had moeten combineren met werk en met privé.

Wat ik dit jaar leerde is dat die combinatie uiteindelijk altijd wel lukt. Wat moet, dat moet. Maar dat ik er wel zorgvuldig over moet nadenken. En dus nam ik twee dagen bedenktijd toen een collega vroeg of ik wilde meedoen aan een bijzonder project, waarvoor ik af en toe mijn vrije maandagmiddag moet opofferen. Om te beginnen aanstaande maandagmiddag, twee dagen voordat ik een presentatie geef in Vlissingen – een presentatie die ik nog moet voorbereiden.

“Ik moet even nadenken over de balans werk-privé-zzp”, liet ik dus weten en dat denken is eigenlijk geen denken, maar voelen.
Raak ik in paniek als ik aan die afspraak denk? Niet doen.
Geen paniek, wel nervositeit? Even laten sudderen om te zien of het wegtrekt. Zo nee, niet doen.
Voel ik me rustig? Of opgetogen, blij en/of geïnspireerd? Doen. Maar wel schakeltijd nemen, als het even kan. En als dat niet vooraf kan, dan in ieder geval achteraf, want intensief blijft het om mijn eigen psychische kwetsbaarheid steeds weer onder de aandacht te brengen. Maar zat word ik dat niet, zoals iemand eens aan me vroeg. Omdat dankzij Poco Loco steeds weer bijzondere projecten op mijn pad komen. Ook op werk.

Na twee dagen wiebelen tussen nervositeit en opgetogenheid, bevestigde ik het vergaderverzoek. En bereid ik vandaag mijn presentatie voor.

Meer info over de bijeenkomst waarop ik op 16 juli een presentatie geef & vragen beantwoord, vind je op de site van het Admiraal de Ruyter Ziekenhuis in Vlissingen.

Jul 082014
 

140708 Een gedachte

Ze zeggen dat één van de voordelen van hardlopen is dat je stopt met denken en alleen nog maar loopt. Stap, stap, stap – de ene voet voor de andere en verder niks.
Nou, soms is dat inderdaad waar, maar meestal woelen er nog allerlei gedachten in mijn hoofd. Pas als ik lang genoeg loop kom ik niet verder dan alleen maar een losse gedachte die steeds weer omhoog komt en en dan weer verdwijnt. Toevallig, of misschien niet toevallig, zijn dat vaak wel de betere ideeën.

Zondag, tijdens een loopje in Noordwijk was het te warm, benauwd en zwaar om allerlei gedachten te hebben.
“Wat is het WARM zeg!” was de eerste 7 km de enige en steeds terugkerende gedachte. Een originele gedachte was het niet – om me heen werd heel wat gepuft en gesteund. En het krijgen van een goed idee leek onder deze omstandigheden uitgesloten.

Ik ben nooit een goeie warm-weer-loper geweest, maar sinds ik dit type antidepressiva slik, is het bijna niet meer te doen. Zelfs als het vriest krijg ik het al bloedheet van heel rustig 4 kilometer naar mijn werk fietsen. Het is een warmte die onder mijn huid blijft zitten, die maakt dat ik me steeds langzamer en zwaarder ga voelen, die voelt alsof ik opzwel totdat ik ontplof. En waarbij het zweet in stralen langs mijn hoofd, nek en rug loopt.

Toen ik na een kilometer of 7 voor de derde keer een beker koud water over me heen had gegooid kwam de gouden gedachte. Een gedachte waarvan ik dacht dat ik hem nooit zou denken: ik stop met die pillen. Helpen tegen teveel prikkels doen ze toch niet, niet tegen chaos in mijn hoofd en ook niet tegen stemmingswisselingen.

Sinds gisteren slik ik een lagere dosering. Maar wel onder één voorwaarde. Namelijk dat ik 3 keer per week blijf hardlopen. Voor de betere ideeën. En vooral voor de rust in mijn hoofd.

Naar het effect van hardlopen tegen depressiviteit is veel onderzoek gedaan en er is ook veel over geschreven. Zie bijvoorbeeld dit artikel in Trouw.

Jul 052014
 

140705 In de ban van oranje

“Die wedstrijd kijk jij zeker niet mee?” vraagt K. als blijkt dat de wedstrijd van Oranje tegen Costa Rica vanavond pas om 22u begint. Want zie gisteren: rust, reinheid en regelmaat is mijn wet. Bij rust hoort op tijd naar bed en bij regelmaat hoort zoveel mogelijk elke dag rond dezelfde tijd naar bed. Wat er in de praktijk op neerkomt dat ik het zelden later maak dan een uurtje of tien ‘s avonds. Bijna onhaalbaar laat is dat in tijden dat het slecht gaat; behoorlijk saai vind ik het als het goed gaat en tussen die twee uitersten in is het dus gewoon een prima bedtijd.

“Ik vind het wel heel leuk om samen te kijken”, merkt K. een paar dagen later terloops op. Wat bijzonder is, want goed voetbalpubliek ben ik bepaald niet. Ik weet niks van de spelregels, ik heb er een hekel aan als voetballers zich expres laten vallen of maar wat rond spelen om tijd te winnen, ik heb de onbedwingbare neiging om sowieso niet voor Oranje te zijn en ik vind Van Gaal een vreselijke man – en dan druk ik me zacht uit. Ik wil me niet verontschuldigen voor mezelf, maar nu bijna heel Nederland in de ban van voetbal en Oranje is, lijkt het me passend om toch even sorry te zeggen.

“Ik verheug me er nu al op”, zei K. donderdagavond. In het journaal zag ik laatst een item over zorgelijke restauranthouders en festival-organisatoren. Reserveringen voor vanavond werden afgezegd en grote schermen waren niet meer te krijgen. In de supermarkten zijn ondertussen de producten die bij een avondje voetbal horen niet aan te slepen. Ik vind het moeilijk om in de voetbalgekte mee te gaan – maar eerlijk gezegd zou ik soms willen dat ik het kon.

Door deze blogpost op scorius.nl, die ik toevallig via Twitter tegenkwam, leerde ik dat Van Gaal zo vreselijk nog niet is. Hij zet namelijk op een mooie manier de talenten van zijn spelers in. Niet blijven hangen bij wat mis gaat, maar ontdekken wat nodig is om talenten het best uit de verf te laten komen: Van Gaal blijkt Poco Loco-proof.