Dec 302015
 

151230

Jongens, ga er even goed voor zitten, want ik ga iets zeggen wat ik nog nooit eerder heb gezegd: dit was een fantastisch jaar. Een jaar dat met een gouden randje en met een mooi strikje eromheen de geschiedenisboeken in kan gaan.

Natuurlijk, het was niet allemaal rozengeur en maneschijn. Er waren heus tegenslagen.

Zo werd ik niet aangenomen op een baan waarop ik dolgraag wel aangenomen wilde worden. Maar ik vond wel mijn huidige tijdelijke baan, waarin ik nieuwe manieren leerde om efficiënt samen te werken, waarin ik mijn zelfvertrouwen terugvond en waarin ik vooral weer veel plezier in werken kreeg.

Ik viel op vakantie in Noorwegen van een bergpad af, maar raakte bij het schrijven van mijn boek nooit de weg kwijt. Het vertrouwen dat mijn uitgever en mijn redacteur van meet af aan in mij hadden, de samenwerking met de vormgever die vlekkeloos verliep zonder dat er allerlei afspraken voor nodig waren, alle overige contacten met de mensen van de uitgeverij: ik heb er de beste versie van mezelf door ontdekt.

Dat die versie van mezelf niet alleen maar iets is wat ik zelf verzin, bevestigen de proefklanten waarmee ik voor mijn wandelcoachopleiding op stap ben. Die stellen niet zomaar voor niets vertrouwen in mij – eindelijk, éindelijk heb ik ook zelf dat vertrouwen in mij.

Ik was ervan overtuigd geraakt dat ik een hardcore Einzelgänger was, een éénpitter pur sang, dat samenwerken met anderen een no-go-area was, dat überhaupt werken iets was wat ik misschien eigenlijk helemaal niet kon.

Mijn tijdelijke baan, mijn boek en het wandelcoachen samen hebben me niet alleen geleerd dat ik een dappere doorzetter ben die onder de juiste omstandigheden prima uit de verf komt.
Mijn tijdelijke baan, mijn boek en het wandelcoachen leerden me dat het leven leuk is. Op naar 2016!

Dec 282015
 

151228

“Ik weet een raadsel”, zei een collega. En hij tekende tien geldzakjes en een weegschaal op het whiteboard. “Dit zijn negen zakjes met muntjes van 10 gram en 1 zakje met muntjes van 9 gram. Hoe weet je door maar één keer te wegen in welk zakje de muntjes van 9 gram zitten?”
Voor mij zijn dit raadsels in de categorie ‘je koopt 5 peren en 3 mandarijnen, hoe heet dan de groenteboer?’ Kortom, terwijl een andere collega wist te vertellen hoe het zat, staarde ik blanco naar het whiteboard.

Daarna kwam ik twee avonden slecht in slaap. Ik zag voor me hoe ik na een lezing of workshop Werken als een gek verkocht en aan het klooien was met het wisselgeld. Zou ik nu al stuivers en munten van 1 en 2 euro apart moeten houden om mensen geld terug te kunnen geven? En waar laat ik het wisselgeld? En wat als mensen meer dan één boek kopen? Moet ik dan maar bij zulke gelegenheden en alleen maar voor mijn rekengemak de prijs van mijn boek verlagen van €16,95 naar €15?
Ik kan vrijwel alles met letters en woorden, maar bij cijfers en sommen gaat vrij snel het licht uit.

Gelukkig liet mijn uitgever me afgelopen zomer al een handigheidje zien. Een kassa met pinapparaat op je telefoon. Zolang mijn boek nog ver weg leek, leek het me weliswaar interessant, maar niet nodig. Maar mijn nachtelijk gewoel en op 3 februari 2016 een concrete lezing in mijn agenda, veranderden mijn mening.

Mijn online winkel is klaar. Het pinapparaat-to-go is naar mij onderweg. Nu alleen mijn boek zelf nog. En een nieuw jurkje om op het Depressiegala in te verschijnen.

En dan ben ik er zelf ook helemaal klaar voor. Denk ik 😉

Dec 232015
 

151223a

“Weet je”, zeg ik tegen K. We zitten op de bank met een kopje koffie. Ik lees de krant, K. kijkt tv, Hond ligt te snurken in haar mand, de lichtjes in de kerstboom staan aan. Het voelt warm en harmonieus. “Door wat ik van huis uit heb meegekregen, geloof ik eigenlijk nooit dat relaties goed kunnen zijn. Altijd, bij iedereen die ik over zijn of haar relatie hoor, ga ik er automatisch vanuit dat daarin wel iets mis zal zijn.”
“Dat denk je toch niet over onze relatie?” schrikt K. Nee, dat denk ik niet over onze relatie. Niet meer. Het heeft lang geduurd voordat ik kon geloven dat het gewoon goed zit.

“Ik kan ook nooit geloven dat broers en zussen goed met elkaar kunnen omgaan”, ga ik verder. “Broers en zussen, daar moet afstand tussen zitten, daar moet wrijving zijn, dat is wat ik ervan weet. Heel raar als dat niet zo is. Ik snap daar niks van.”

Verward voel ik me regelmatig als ik zie dat broers en zussen, of andere familieleden onderling, goed met elkaar overweg kunnen. Het past zo niet in het systeem waarin ik opgroeide – een systeem waaruit ik al veel langer weg ben dan dat ik er in zat, en toch zit het nog in al mijn poriën.
Alsof ik me veilig en ontspannen kan laten wegzakken in een diepe leunstoel, zo vanzelfsprekend zouden goede relaties en (familie-)banden moeten zijn. Ik zet me op het puntje van mijn stoel echter altijd schrap.
“Het lijkt me naar, altijd dat wantrouwen”, zegt K.

“Maar voor kerstmis heb ik nu de knop omgezet”, meld ik. Kerst ken ik als een gespannen, moeizame tijd. De kerstboom vol lichtjes, de kerststerren voor het raam, het kerststalletje: als het aan mij lag, had het allemaal op zolder mogen blijven liggen.

Tot ik deze week bedacht dat ik er dit jaar van wil genieten.
En… ik hoop dat jullie dat ook doen! Fijne kerstdagen!

Dec 212015
 

151221

“Donker?” hou ik mezelf voor als ik met een diepe zucht de wekker tot zwijgen breng. Voor mijn gevoel is het nog midden in de nacht en het enige wat ik wil ik verder slapen. “In Noorwegen, dáár is het pas donker!”

Regelmatig zoek ik op wanneer de zon opgaat en ondergaat in Narvik, een plaatsje dat wel in het noorden, maar nog niet eens in het noordelijkste noorden van Noorwegen ligt. En momenteel komt de zon daar helemaal niet op en gaat hij dus ook niet onder. Het is er donker, 24 uur per dag. Inderdaad, moet ik mezelf gelijk geven, dat is pas echt donker.

En toch heb ik meer dan ooit last van de korte dagen hier. En last is zacht uitgedrukt. Ik vind het verschrikkelijk. Somber of depressief ben ik er niet van, dat merk ik op de dagen dat ik thuis ben en meer dan op werkdagen naar buiten ga. Of zelfs alleen al meer dan op werkdagen naar buiten kíjk. En waarop ik niet de hele dag in kunstlicht zit. Op die dagen merk ik dat ik pas echt actief word als het (bijna) licht is, en mijn energie vloeit weg zodra het begint te schemeren.

“Het komt door Noorwegen”, zegt K. als ik er weer eens over klaag.
Huh?

Maar misschien zit er wel wat in. Er was de grote hoeveelheid daglicht waarvan ik op vakantie in Noorwegen, afgelopen zomer, elke dag enorm genoot. En er waren ook na Noorwegen heel veel wandelingen, heel veel buitenlucht en heel veel licht. Totdat het ’s avonds vroeg donker werd en ’s ochtends langer donker bleef en ik het tegelijkertijd druk kreeg met van alles.

Logisch dat ik moe ben. Licht en lucht. Letterlijk en figuurlijk mis ik het. Ik zou de donkerte wel weg willen schoppen. Maar het is niet nodig, want het einde is al in zicht: vandaag (of morgen) is het de kortste dag van 2015.

Dec 182015
 

151218

Uit alle macht probeer ik me te herinneren hoe het er 25 jaar geleden uitzag. Zonder veel succes. Het WTC staat ongetwijfeld nog op dezelfde plek, maar voor de rest is alles anders. Zelfs het station komt me maar vaag bekend voor, nu er in tegenstelling tot vroeger wat winkeltjes zijn.
Het plein voor het WTC, toen grauw en winderig, oogt nu bijna gezellig en het is er levendig. Terwijl ik toentertijd met mijn ogen op de grond gericht blindelings kon doorlopen, moet ik nu oplettend langs mensen heen laveren. Met moeite zie ik voor me hoe de weg waarlangs ik nu op de tram stap toch echt dezelfde weg is die ik toen moest oversteken. Alleen nog niet verhoogd en zeker niet met een trambaan in het midden.

Station Amsterdam Zuid: voor mijn allereerste echte betaalde baan als groepsleider in een leefgroep voor kinderen tussen 8 en 18 jaar, was dat station een jaar lang meerdere keren per week mijn eindbestemming.

De baan was veel te zwaar voor de tamelijk sombere, erg onzekere, behoorlijk verlegen en nogal verwarde 23-jarige die ik toen was. Met steeds meer lood in mijn schoenen maakte ik de reis. Toen een keer vlakbij het station een zwerver zomaar ineens tegen mijn benen trapte, vond ik Amsterdam Zuid definitief een nare plek die symbool stond voor alles wat toen niet goed ging.

Nooit had ik toen kunnen bedenken dat ik daar nu zou lopen omdat ik een boek heb geschreven en daarover een afspraak heb met iemand van de uitgeverij.
Ik beperk me tot een heel brede glimlach, maar ik heb zin om te huppelen.


Op de hoogte blijven van het laatste nieuws rond mijn boek Werken als een gek? Neem een abonnement op de Poco Loco-nieuwsbrief!

Meteen de online winkel binnenstormen zodra Werken als een gek er in de schappen ligt? Kom er bij op de inmiddels al gezellig drukke voorinschrijvingslijst!